Verslag Roparun 2008
Voorbij is het weer, de 19e editie van de Roparun, de 2e deelname van Team Familie van Aad de Vette.
De ploeg was voor het grootste deel dezelfde als vorig jaar. Robert en Arjan, de zonen van Aad, vorig jaar nog loper, respectievelijk fietser, besloten het bij 1 jaar te laten (trouwe bezoekers van onze website weten dat Robert dit jaar nog wel als webmaster betrokken is bij het geheel), enkele anderen bedankten in ieder geval voor deze keer. Met wat aanvulling uit de familie hebben we voornamelijk de catering en de massageploeg beter op sterkte gebracht. Uiteindelijk zijn we het avontuur dit jaar aangegaan met een karavaan bestaand uit 35 personen, 2 vrachtwagens, 1 camperbusje en, 2 9- en 1 naar te laat bleek 5 i.p.v. 6-persoonsbus.
Al met al naar mijn mening ook dit jaar succesvol. Qua financiële bijdrage weliswaar niet zo goed als vorig jaar ? onze bijdrage was dit jaar ? 18.350 tegenover vorig jaar ? 20.400 ? maar we hadden dan ook zo?n 50 concurrenten qua inzameling van sponsorgelden meer dan vorig jaar. Ik vind het overigens nog een hele prestatie, gezien het feit dat wij dit allemaal naast onze banen en andere activiteiten voor elkaar hebben gekregen.
Op sportief gebied hebben we zeker niet minder gepresteerd dan vorig jaar. Waar we onszelf vorig jaar nog schromelijk onderschatten, en dus vele uren extra rust in hebben moeten bouwen om binnen schema te blijven, hebben we ons dit jaar keurig (hoewel niet voor iedereen even makkelijk: een enkele fietser moest door een enkele loper de heuvel op meegesleurd worden) aan onze belofte gehouden. Daardoor over het algemeen genoeg rust voor een ieder, hoewel het 6 uur lopen sommige lopers wel een beetje tegenviel.
Niet alleen de handhaving van de rusttijd, maar ook de verbetering van de faciliteiten heeft de kwaliteit van de rust ten opzichte van vorig jaar verhoogd. De vrachtwagen, ingericht als slaapwagen door het aanbrengen van stapelbedden, vereist minder "omsteltijd" dan de tentjes van vorig jaar, evenals de vrachtwagen, ingericht als cateringcar. De 2 HUDO-tentjes, die net iets meer ruimte bieden aan een campopotti plus bevuiler dan de voortent van een puptentje, geven psychisch net dat zetje om de darmen inderdaad open te houden. (Bovendien stonden ze op de eerste locatie zo opgesteld, dat je er voor je lol uren op kon blijven zitten om te genieten van het maaiveld en de ondergaande of opkomende zon). Hoewel er nog enige twijfel was over de kwaliteit van de paardenmatrassen, heeft dat niet voor slapeloosheid gezorgd. Het verder verhogen van het slaapcomfort een eventueel volgende keer kan wat sommigen betreft alleen maar bereikt worden door het elimineren van bepaalde teamleden, die voor de nodige bijgeluiden op de slaapzaal zorgden.
Voor mijzelf was de kwaliteit van de rust ook hoger dan vorig jaar. Niet alleen sliep ik niet in de slaapwagen, de media-aandacht was dit jaar ? in ieder geval tijdens de Roparun ? stukken minder. Vorig jaar werd ik als teamcaptain op ieder willekeurig moment, dus ook wanneer ik eindelijk net in slaap was, door diverse radiostations gebeld om te vragen hoe het met ons team ging. Dit jaar heb ik me vooral beziggehouden met het verzenden van sms-jes via het ACT en de speciale SMS-service om het thuisfront op de hoogte te houden van onze vorderingen. Hoewel die aandacht van de media ook leuk is, we hebben het tenslotte ook zelf opgezocht, heb ik dat als prettiger ervaren. Je kunt dus zelf bepalen wanneer je nieuws brengt, en de bemoedigende, humorrijke reacties per sms op dat nieuws komen ook meteen.
Voorbij gingen we op kilometer 403 aan het zogenaamde sterrenteam, wat natuurlijk wel veel media-aandacht trok. Degenen die hun vorderingen al dan niet op eigen initiatief volgden, weten dat zij geen vlekkeloze run hadden. Terecht kwam de vraag van een van de lopers van dat moment: "wie zijn hier nou de sterren?"
Voorbij gingen sommige leden van ons team aan het draaiboek op bepaalde punten. Dit jaar voor ons één of twee maal (nog steeds niet helemaal duidelijk) een stop-en-go. De eerste en in ieder geval officiële vanwege het stoppen voor een wissel waar dit niet toegestaan was. Dat was ook iets wat voor ons nieuw was dit jaar: het echt moeten zoeken naar een legitieme stopplaats voor het wisselen van lopers (en fietsers). Het leek ons logisch dat het dit jaar onderweg drukker zou zijn om ons heen, aangezien we niet als eersten zouden starten. Maar dat het zo druk zou zijn hadden we eerlijk gezegd niet verwacht. En ja, dan moet je soms beslissingen nemen: óf je loper 2 of meer kilometer extra laten lopen, óf kans lopen op een stop-en-go. Ik hoop voor de volgende jaren dat de organisatie ook hier rekening mee houdt bij het bepalen van een limiet.
In Oude-Tonge was er een kleine logistieke crisis: de lopers onderweg waren vergeten de chip uit de auto mee te nemen (hoe krijgen we die dan toch over de meetmat?), de fietsers konden niet of niet op tijd op het wisselpunt komen (van de voor ondersteunende voertuigen verboden route afgestuurd met een wel of niet stop-en-go. Door het kiezen van een alternatieve alternatieve (geen schrijffout, want er was namelijk al een alternatieve ? lees verplichte - route in het draaiboek, c.q. wedstrijdreglement opgenomen) route kan je dan inderdaad in Numansdorp uitkomen, alleen jammer dat de fiets die jij moet besturen dan nog in Oude-Tonge staat). Zoals bekend is alles toch nog goed gekomen.
Voorbij gingen we tijdens de Roparun weer aan het Daniël den Hoed. Voor de meesten onder ons een erg emotioneel moment., mede omdat Aad daar tijdens zijn laatste maanden enkele keren heeft verbleven. (In mijn beleving ben ik daar voor het eerst met de Stichting Roparun geconfronteerd.) Maar dat voorbijgaan was letterlijk. Figuurlijk zijn we zeker niet voorbijgegaan aan het doel waarvoor we lopen. Om dit te onderstrepen hebben wij 2e Pinksterdag, bij het passeren van de Daniël den Hoed, bloemen uitgedeeld aan de daar aanwezige patiënten en medestanders; iets wat door beide partijen erg op prijs werd gesteld.
Hoewel ik er als teamcaptain rekening mee heb gehouden dat dit jaar wel eens zou kunnen tegenvallen, gezien het relatieve makkie van vorig jaar, hoefde ik ook dit jaar mijn kwaliteiten als crisismanager niet echt aan te spreken. Ik denk dat we van geluk mogen spreken dat we het wederom hebben geflikt zonder technische en fysieke mankementen. Over mentale, dan wel psychische mankementen durf ik geen uitspraken voor het hele team te doen. Als ik het al zou weten en ik zou er hier een uitspraak over doen, dan moet ik misschien binnenkort toch nog concluderen dat ík niet ongeschonden uit de Roparun 2008 ben gekomen.
Gelukkig waren alle complicaties overkomelijk en zijn we als team compleet en ongehavend de finish overgekomen, en dat ook nog vroegtijdig. Het was weer een aanslag op ons sociale leven, het was weer een aanslag op onze conditie (voor de een wat erger dan de ander). Wanneer je daar tegenover zet dat je zoiets juist doet voor mensen met een over het algemeen sterk verminderd sociaal leven en een sterk verminderde conditie als gevolg van hun ziekte, waar hebben we het dan over???
In ieder geval weegt mijn afzien in de aanloop naar en tijdens het weekend ook dit jaar totaal niet op tegen de voldoening die ik voel omdat ik me op deze manier voor de medemens kan inzetten, en de saamhorigheid die ik heb gevoeld, niet alleen in onze eigen ploeg, maar in de hele Roparunploeg, en de lol die ik heb gehad met ons eigen team, en de trots die ik voelde toen we als familie (en een beetje bijna-familie), getooid in de beeltenis van onze Aad, over de finish kwamen en we het toch maar weer hadden gedaan.
Wat dat betreft is het jammer dat het voorbij is.
|